Statuten & Reglementen

Statuten Studentenraad PSW – StuRa

I Lex StuRa

Art. 1 De Studentenraad Politieke en Sociale Wetenschappen (Hierna: StuRa) is het overlegorgaan van studenten van de faculteit Politieke en Sociale Wetenschappen aan de Universiteit Gent.

Art. 2 StuRa streeft neutraliteit na en is dus geen politieke studentenvereniging, maar vertegenwoordigt de algemene studentenbelangen. Neutraliteit betekent ook dat mensen van alle politieke, etnische en religieuze strekkingen welkom zijn bij StuRa.

Art.3 StuRa streeft ook diversiteit na en onderschrijft het Diversiteitscharter van de Vlaamse Vereniging van Studenten (VVS), en wijst zodoende elke vorm van discriminatie, racisme, homofobie en seksisme af.

Art. 4 StuRa is opgericht volgens de voorwaarden die zijn bepaald in het financieel reglement van de Gentse Studentenraad en het participatiereglement van de Universiteit Gent, en verbindt zich ertoe deze na te leven.

Art. 5 StuRa bestaat uit de Algemene Vergadering, het Dagelijks Bestuur en eventuele werkgroepen

II De Algemene Vergadering

Art. 6 De algemene vergadering is het belangrijkste orgaan van StuRa voor het nemen van beslissingen en mag als enige standpunten innemen.

Art. 7 Alle studenten met een diplomadoelcontract in een opleiding die door de Faculteit PSW ingericht wordt, kunnen de vergaderingen van StuRa bijwonen (d.i. een erkenningsvoorwaarden volgens het financieel reglement van de Gentse Studentenraad). Dit betekent dat ze spreekrecht hebben, maar niet noodzakelijk stemrecht.

Art. 8 Bij een gewone stemming zijn de stemgerechtigde leden zij die kennis genomen hebben van de statuten en die de voorbije drie vergaderingen (de vergadering waarop de stemming plaatsvindt niet meegerekend) minstens één keer aanwezig waren.

Art. 9 Bij bestuursverkiezingen en stemmingen over statutenwijzigingen heeft iedereen stemrecht die kennis genomen heeft van de statuten en die minstens twee van de drie voorbije vergaderingen (de vergadering waarop de stemming plaatsvindt niet meegerekend) bijwoonde.

Art. 10 Afwezigen kunnen hun stem niet laten opnemen door een plaatsvervanger, er kunnen dus geen volmachten gegeven worden. Stemrecht kan niet gecumuleerd worden: elke persoon heeft maximaal 1 stem.

Art. 11 De algemene vergadering beslist zoveel mogelijk met consensus. Lukt dit niet, dan wordt er gestemd. Bij staking van stemmen (het aantal onthoudingen is groter dan de som van de voor- en tegenstemmen of het aantal voorstemmen is gelijk aan het aantal tegenstemmen) komt er een tweede stemronde. In deze tweede stemronde kan men zich opnieuw onthouden en worden de voor- en tegenstemmen met elkaar vergeleken om het resultaat te bepalen. Indien het aantal voor- en tegenstemmen bij deze tweede stemronde opnieuw gelijk is, dan zal de beslissing bij consensus door het dagelijks bestuur worden genomen en moet de Algemene Vergadering hiervan zo snel mogelijk op de hoogte worden gebracht.

Art. 12 Alle stemmingen, met uitzondering stemmingen over statutenwijzigingen en de verkiezing van de voorzitter, worden goedgekeurd met een meerderheid (wanneer er meer voor dan tegen stemmen zijn) van de stemgerechtigde leden.

Art. 13 Voor stemmingen over statutenwijzigingen en de verkiezing van de voorzitter is een tweederde meerderheid van de stemgerechtigde leden noodzakelijk. Wanneer er over statutenwijzigingen moet beslist worden, moet dit een redelijke termijn op voorhand aangekondigd worden, ten laatste één week voor de vergadering.

Art. 14 De algemene vergadering komt minstens 1 keer per 4 lesweken samen en wordt bijeengeroepen door de voorzitter. De voorzitter moet tevens een algemene vergadering samenroepen indien dit door minstens één lid van de AV gevraagd wordt op schriftelijke wijze.In elk geval bedraagt het aantal vergaderingen op een academiejaar niet minder dan 4 (d.i. een erkenningsvoorwaarden volgens het financieel reglement van de Gentse Studentenraad).

III Het Dagelijks Bestuur

Art. 15 Het dagelijks bestuur (voortaan DB) bestaat uit de voorzitter, de vicevoorzitter, de opleingsverantwoordelijken, de PR’s , de secretaris, de penningmeester en de verbindingspersoon met Politeia.

Art. 16 Het DB runt de dagelijkse werking van StuRa en is als dusdanig gerechtigd beslissingen te nemen. Deze mogen echter niet indruisen tegen standpunten van de AV. Alle effectieve stemgerechtigde leden van StuRa worden steeds op de hoogte gehouden van de beslissingen van het DB en elke andere ontwikkeling via Ufora en bij voorkeur ook via andere communicatiekanalen.

Art. 17 Het DB kan enkel beslissingen nemen indien deze noodzakelijk zijn voor de goede werking van StuRa en er sprake is van hoogdringendheid. In alle andere gevallen worden beslissingen genomen door de Algemene Vergadering.

Art. 18 Het DB wordt elk jaar democratisch verkozen aan het einde van het effectieve werkingsjaar, d.i. het einde van het academiejaar. Hiervoor wordt er een speciale AV georganiseerd. De termijn van het nieuwe DB begint te lopen vanaf 1 juli. Op dat moment eindigt ook het mandaat van het oude bestuur.

III.A Verkiezen van het dagelijks bestuur

Art. 19 Bij bestuursverkiezingen heeft iedereen stemrecht die kennis genomen heeft van de statuten en die op minstens twee van de drie voorbije vergaderingen (de vergadering waarop de stemming plaatsvindt niet meegerekend) aanwezig was.

Art. 20 Iedereen die met een diplomadoelcontract of die voor minstens 27 studiepunten ingeschreven is in een opleiding die door Faculteit PSW ingericht wordt, kan zich kandidaat stellen voor de functies van voorzitter, vicevoorzitter, opleidingsverantwoordelijke, PR, penningmeester, secretaris of verbindingspersoon met Politeia.

Art. 21 De voorzitter wordt verkozen met een tweederdemeerderheid. Indien er meerdere kandidaten zijn, zijn er verschillende stemrondes. De kandidaten proberen in deze rondes een tweederdemeerderheid achter zich te krijgen, de kandidaat die hier in slaagt is verkozen als voorzitter. Zolang dit niet lukt valt de kandidaat met de minste stemmen af. Wanneer er nog 1 kandidaat overblijft, moet hij in een laatste ronde een tweederdemeerderheid proberen te behalen. Lukt dit niet, maar heeft hij wel een gewone meerderheid, is hij alsnog verkozen maar moet hij bij de eerste vergadering van het tweede semester een vertrouwensstemming ondergaan. In geval van een ex aequo tussen de twee kandidaten met de minste stemmen, moeten zij het in een extra stemronde tegen elkaar afleggen om te bepalen wie afvalt.

Art. 22 Indien er geen voorzitter verkozen wordt of indien er geen kandidaten zijn, wordt het DB aangesteld om de taken van de voorzitter waar te nemen, onder leiding van de vicevoorzitter. Tevens wordt op elke volgende AV expliciet de kans geboden aan nieuwe kandidaten om zich verkiesbaar te stellen.

Art. 23 De vicevoorzitter, opleidingsverantwoordelijken, de penningmeester, de secretaris en de verbindingspersoon met Politeia worden verkozen met een gewone meerderheid (meer voor- dan tegenstemmen). Indien er meerdere kandidaten zijn wordt er een afvalprocedure gevolgd. Daarbij valt diegene met de minste stemmen telkens af, in geval van ex aequo tussen de twee kandidaten met de minste stemmen, moeten die twee kandidaten het tegen elkaar afleggen in een extra ronde. Deze procedure wordt gevolgd tot één van de kandidaten een gewone meerderheid behaalt.

Art. 24 De PR-verantwoordelijken worden verkozen met een gewone meerderheid. Er wordt individueel voor elke kandidaat gestemd. De drie kandidaten met de meeste stemmen, die een gewone meerderheid behaalden, zijn verkozen.

Art. 25 Indien er voor een van de functies vermeld in de artikels 23 of 24 niemand verkozen wordt, of er geen kandidaten zijn, zoekt het DB naar een tijdelijke oplossing, blijft deze functie vacant en wordt er bij aanvang van elke AV expliciet de kans geboden aan nieuwe kandidaten om zich verkiesbaar te stellen.

III.B Indienen van een motie tegen het Dagelijks Bestuur

Art. 26 Iedere student PSW (cf. art 7) heeft het recht om bij de vicevoorzitter of één van de opleidingsverantwoordelijken een motie van wantrouwen in te dienen, vergezeld van een motivatiebrief, tegen één iemand van het DB of tegen het volledige DB. Dit wordt anoniem behandeld.

Art. 27 De motie van wantrouwen wordt expliciet op de agenda gezet. Op de AV wordt er met gewone meerderheid gestemd over het aanblijven van diegene waartegen de motie is ingediend. Deze stemming gebeurt volledig anoniem. Slaagt de persoon van het DB of elk individueel lid van het DB er niet in een gewone meerderheid achter zich te krijgen, dan is hij verplicht af te treden.

Art. 28 Bij stemmingen naar aanleiding van een motie van wantrouwen heeft iedereen stemrecht die voldoet aan artikel 8.

Art. 29 Diegene die er niet in geslaagd is het vertrouwen van de AV te krijgen, wordt gevraagd nog een termijn van maximaal 10 lesdagen in zijn/haar functie blijven. In die periode moeten er dan nieuwe verkiezingen plaatsvinden voor de vacante functie.

III.C De leden van het Dagelijks Bestuur

Art. 30 De voorzitter bereidt de AV en het DB voor en zit deze voor. Hij zorgt voor de goede werking van StuRa en is er tevens het gezicht van. Het mandaat van voorzitter is eenmaal hernieuwbaar.

Art. 31 De vicevoorzitter ondersteunt de voorzitter bij het uitvoeren van zijn taken en kan deze tevens vervangen bij afwezigheid. Het mandaat van vicevoorzitter is tweemaal hernieuwbaar.

Art. 32 Per opleiding (politieke wetenschappen – communicatiewetenschappen – sociologie) is er een opleidingsverantwoordelijke. Deze is verantwoordelijk voor de inhoudelijke werkgroep van zijn/haar eigen opleiding. Het mandaat van opleidingsverantwoordelijke is tweemaal hernieuwbaar.

Art. 33 De PR’s zijn verantwoordelijk voor de communicatie met de student en de naamsbekendheid van StuRa. Het mandaat van PR is onbeperkt hernieuwbaar.

Art. 34 De secretaris notuleert en verspreidt de verslagen van de AV. Het mandaat van de secretaris is onbeperkt hernieuwbaar.

Art. 35 De penningmeester beheert in samenspraak met het dagelijkse bestuur het budget van StuRa, is verantwoordelijk voor alle inkomsten en uitgaven die in naam van StuRa gedaan worden en houdt de voorwaarden voor het verkrijgen van subsidies van de GSR in het oog. In geval van hoogdringendheid volstaat het enkel de voorzitter te consulteren. Hij is altijd verantwoording verschuldigd aan de AV. Het mandaat van penningmeester is onbeperkt hernieuwbaar.

Art. 36 De voorzitter van StuRa schuift in samenspraak met de nieuw verkozen praeses van Politeia een kandidaat naar voren als verbindingspersoon StuRa-Politeia. De verbindingspersoon woont vergaderingen van Politeia en StuRa bij, en zorgt voor een goede relatie tussen beide verenigingen. Het mandaat van de verbindingspersoon is onbeperkt hernieuwbaar.

III.D Cumulatie van bestuursambten

Art. 37 Het ambt van voorzitter is onverenigbaar met alle andere bestuursposten. Het ambt van vicevoorzitter is onverenigbaar met de bestuurspost van PR of van secretaris. Andere bestuursambten zijn verenigbaar, waarbij geen bestuurslid meer dan twee bestuursambten mag uitoefenen.

IV Werkgroepen

Art. 38 Standaard richten de opleidingsverantwoordelijken elk jaar individueel een werkgroep op voor hun eigen opleiding en richten de PR’s (een) werkgroep(en) op om hen te ondersteunen in hun werking.

Art. 39 De AV heeft het recht werkgroepen op te richten wanneer dit gepast lijkt. Dit om de AV niet nodeloos te belasten. Deze werkgroepen werken op een democratische manier voorstellen uit. De beslissingen die de werkgroep neemt, moeten steeds gerapporteerd worden aan de algemene vergadering.

Art. 40 Geen enkele werkgroep mag ingaan tegen standpunten of beslissingen van de AV.

Art. 41 De interne werking en organisatie van deze werkgroepen kunnen overgelaten worden aan de studentenvertegenwoordigers die in deze werkgroep zetelen.

Laatste wijziging: 14/05/2020